stichting kernzaak header

18-03-2007: Lennard (26): "Ik ben blij dat ik niet in de WAO beland ben"


Na een half jaar solliciteren heb ik mijn eerste echte baan gevonden sinds ik klaar ben met mijn opleiding Heao-CE. Ik start op 24 februari 2003 met veel zin met mijn nieuwe baan bij DE bank. Ik ben erg gedreven in mijn werk en wil snel carrière maken, wie wil dat niet als je net afgestudeerd bent.

Eind mei begin ik me niet zo lekker te voelen. Ik krijg last van pijn in mijn zij. Na het een paar dagen te hebben aangekeken ga ik naar mijn huisarts. Hij vermoedt dat ik last heb van mijn darmen en krijg daar medicijnen voor voorgeschreven. Na een paar dagen heeft het nog geen effect dus ik ga weer terug en krijg medicijnen voor mijn maag. Intussen wordt mijn eetlust ook minder en mijn moeder informeert bij mijn zusje (die verpleegster is) of ik bij een internist kan komen voor onderzoek. Ik ga eerst nogmaals bij de huisarts langs en er wordt eindelijk bloed geprikt. Daarnaast stemt hij in met de doorverwijzing naar de internist wat mijn zusje geregeld heeft. In het tussenliggende weekend ga ik samen met mijn vader naar de huisartsenpost, de pijn in mijn zij is niet te houden. Mijn eetlust is weg en ik lig al een aantal dagen alleen maar op de bank.

Het is inmiddels 2 juni, ik ga samen met mijn moeder naar het ziekenhuis voor de afspraak met de internist (dhr. Van Essen, vriendelijke man). Als de internist mij onderzoekt vraagt hij opeens of mijn ene zaadbal er altijd al zo uitzag. Ik weet dat eigenlijk niet en sta ook perplex waarom hij dat vraagt. Na het onderzoek besluit hij mij op te nemen en ik krijg een infuus om genoeg vocht binnen te krijgen. De volgende dag ga ik door een CT-scan, ik ben blij dat ik snel geholpen wordt, maar weet nog helemaal niet wat er aan de hand is.

Wat nu? Ga ik dood?

Dezelfde dag komt er een uroloog lang bij mij op de kamer en vraagt of hij naar mijn zaadbal mag kijken. Ik snap nog steeds niet waarom er daar naar gekeken wordt, maar dan zegt hij plotseling tegen mij dat ik zaadbalkanker heb. Ik weet niet wat ik hoor. Ik kanker? Er flitsen allerlei gedachtes door mijn hoofd; wat nu? Ga ik dood? Ik krijg een 1-persoonskamer en de internist laat mijn ouders komen en legt uit wat er aan de hand is. Daarnaast biedt hij zijn verontschuldigingen aan voor de uroloog die voor zijn beurt sprak.

De internist vertelt dat zaadbalkanker meestal goed te genezen is en dat er woensdags een oncoloog van het Radboud zou komen voor wekelijks overleg en dat ik dan besproken zou worden. Donderdag 5 juni ga ik met mijn ouders en zusje naar het Radboud in Nijmegen. Ik moet me melden op afdeling E30 bij de zaalarts dokter Talstra (aardige, vriendelijke vrouw). Na het opnamegesprek te hebben gehad wordt ik nogmaals onderzocht door een urologe en wordt mij verteld dat ik op de standby lijst kom voor operaties op vrijdag.

Vrijdagochtend, ik word om half acht wakker gemaakt, er is iemand van het schema afgevallen en dat betekent dat ik om half negen al wordt geopereerd. Voordat ik naar de OK wordt gebracht, moet ik eerst nog wat sperma afgeven voor onderzoek. De operatie verloopt goed en de week daarop volgen allerlei onderzoeken; botscan, hersenscan, gehoortest en een bezoek aan de kaakchirurg. Ik heb gelukkig geen gaatjes, scheelt weer een rit naar mijn tandarts waar ik 100 km vandaan zit. Uit de botscan en hersenscan komt ook gelukkig niks.

Mijn Ferrari cap wordt onmisbaar

Intussen is de zaadbal onderzocht en heb ik een gesprek samen met mijn ouders met een oncoloog en de zaalarts op vrijdagmiddag. Hij vertelt dat ik uitzaaiingen heb in mijn buik en mijn longen en dat de tumormarkers hoog zijn (23.000). Hij geeft aan dat ik voor de standaard BEP kuur kan kiezen of voor een trial. De zuster die bij het gesprek zit geeft aan dat de trial heel wat betekent; geïsoleerd liggen op een 1 persoonskamer en erg vatbaar zijn voor ziektes vanwege het wegnemen van witte bloedlichaampjes. Ik zie dit niet zitten en kies voor de standaard BEP kuur.

Ik vraag me af wat de kans is dat ik weer beter wordt, maar durf het niet te vragen, maar mijn ouders doen dat wel. Hij antwoordt dat de kans dat ik beter wordt groter is dan dat ik niet beter wordt. De maandag daarop start ik met de 1ste sessie van de BEP kuur. De kuren gaan me vrij goed af, na de eerste kuur begint mijn haar uit te vallen, en laat ik het kort knippen, vanaf dan is mijn ferrari cap onmisbaar. Tijdens de kuren die telkens vijf dagen duren, heb ik wel last van misselijkheid, om dit tegen te gaan krijg ik cola en een ander middel tegen de misselijkheid: dexametason, leuke bijwerking hiervan is dat je honger krijgt als een paard en dat kan ik wel gebruiken want ik woog toen ik in Nijmegen werd opgenomen al 8 kilo minder. De twee tussenliggende weken tijdens de kuren verblijf ik telkens bij mijn ouders die op een boerderij wonen, hier is het lekker rustig.

Een uitzaaiing van 10 centimeter

Het is inmiddels 2 september, ik krijg vandaag voor de laatste keer bleomycine toegediend op de polikliniek. Eerst wordt er wat bloed afgenomen om te kijken of dat allemaal in orde is qua waardes, mijn witte bloedlichaampjes zijn wat lager dan de vorige keer. Na de bleomycine ga ik weer naar huis, en onderweg stop ik met mijn moeder bij een restaurant om wat te eten. Ik krijg plotseling rillingen over mijn lijf en weet niet zo goed wat er aan de hand. Als ik thuis aangekomen ben blijkt dat ik koorts heb, meteen weer naar het ziekenhuis bellen en ik kan meteen weer terugkomen.

Ik lig 5 dagen geïsoleerd op een kamer, mijn witte bloedlichaampjes zijn te laag, ik heb zoals ze dat noemen een dip. Na 5 dagen ben ik weer aangesterkt en mag ik naar huis. Een paar weken later mag ik me weer melden bij mijn behandelende oncoloog Prof. De Mulder (ik ben blij dat ik hem als arts heb). Hij vertelt dat de tumormarkers op 70 staat, hij denkt dat het nog zakt na de kuren. Hij stelt voor dat ik een maand later bij Prof. Witjes langs ga om over de buikoperatie te praten. In mijn buik bevindt zich een uitzaaiing van 10 cm en die zit vlak tegen mijn nier aan volgens de röntgenfoto’s. Hij zal mij wederom weer gaan opereren en tijdens de operatie zal blijken of mijn nier er aan vastzit, als dat zo is moet mijn nier er ook uit. Ik ben erg gespannen, want ik vrees dat mijn nier er uit moet. Als ik na de operatie weer bijkom vertellen mijn ouders dat mijn nier er niet uit is gehaald, ik ben daar heel blij mee. Na een weekje ziekenhuis mag ik weer naar huis toe. De eerste maand na de operatie moet ik rustig aan doen. In december begin ik met zwemmen om weer een beetje in beweging te komen.

In januari 2004 start ik weer met een paar uurtjes werken en mag ik me weer melden bij mijn oncoloog. Prof de Mulder vertelt mij dat de tumormarkers niet meer meetbaar zijn, ik ben (en mijn ouders en zusje) heel blij dat het gelukt is. Hij vertelt ook dat hij de komende maanden (ik kom maandelijks op controle) mijn röntgenfoto’s van de longen gaat bekijken of daar veranderingen zichtbaar op zijn. Naar mijn idee wil hij dat een half jaar gaan aankijken.

In februari wordt mijn jaarcontract bij de bank verlengd tot 31 december 2004.

Longoperaties, en ontslag

Tijdens de controle van maart geeft mijn oncoloog aan dat er geen veranderingen zichtbaar zijn en stelt voor om de plekjes die op mijn longen zitten te laten verwijderen in Longcentrum Dekkerswald in Groesbeek. Aangezien ik op beide longen plekjes heb, moet ik twee keer geopereerd gaan worden. Half april stop ik weer met werken, want ik wordt opgenomen in het longcentrum voor de 1ste operatie. Na een verblijf van 2,5 week is mijn long weer hersteld van de operatie en ga ik weer naar huis. Ik verblijf nog steeds bij mijn ouders. Als ik na 3 weken voor controle kom bij dokter Wagenaar blijkt dat ik een klaplong heb (een gaatje in mijn longvlies) en ik moet blijven. Deze keer worden de longdrains ingebracht met verdoving, maar ik ben niet onder narcose zoals met de operatie, dit is niet zo’n pretje. Tijdens mijn verblijf (wat 4 weken duurt) loop ik nog een ontsteking op, op de plekken waar de drains zitten hiervoor krijg ik antibiotica.

Na 2 maanden thuis te hebben gezeten wil ik graag weer wat gaan werken. Mijn arbo arts is op vakantie en ik begin zelf wat te werken, na 1 week belt ze mij en vertelt dat ze niet zoveel voor me meer kan doen, omdat mijn contract eind van het jaar afloopt en toch niet verlengd gaat worden. Ik snap er niks van en vraag op mijn werk om opheldering. Er wordt een afspraak gemaakt met een personeelsfunctionaris. Als ik de betreffende dag op kantoor kom zitten daar alleen mijn chef en de districtsdirecteur en geen personeelsfunctionaris. Zij vertellen mij dat inderdaad mijn contract niet verlengd gaat worden. Ik ben hier erg van slag van, 1 week later moet ik weer onder het mes voor mijn 2de longoperatie en het uitzicht om weer na de operatie aan het werk te gaan hield me grotendeels op de been.

Een nieuwe kans om aan de slag te kunnen

Mijn ouders zijn ook hevig verontwaardigd en schrijven een brief naar de voorzitter van de raad van bestuur. Een dag na mijn operatie die goed verloopt, komt er een reactie in de bus op de brief. De directeur van de Arbo-dienst zal onderzoeken of de juiste beslissing is genomen. Tijdens mijn herstelperiode van de longoperatie loop ik wederom een ontsteking op, deze keer is het zo heftig dat ik op de betreffende avond naar de spoedeisende hulp van het Radboud wordt gebracht. Na 4 weken ziekenhuis mag ik eindelijk weer naar huis. Er volgt al snel een gesprek met de directeur van de Arbo-dienst. Er wordt mij een nieuwe kans aangeboden om weer aan de slag te kunnen op mijn oude plek, ik pak deze kans met beide handen aan.

Na de maand november me nog rustig te hebben gehouden start ik in december met fitness onder fysiotherapeutische begeleiding. Eind januari ga ik voordat ik weer start met werken eerst lekker een weekje op vakantie (ik mag eindelijk weer vliegen na de longoperaties). Ik ben blij dat ik niet in de WAO beland ben. Het is nu maart 2005, ik ga 1 keer per 2 maanden voor controle naar het Radboud. De spanning van de controles is er nog steeds, om hiermee om te leren gaan heb ik begeleiding van een psychologe.

Kanker betekent niet altijd het einde!


Reacties

Er zijn nog geen reacties

Reageer

Naam:

E-mail:

Bericht:

Code:

Type bovenstaande code over: